- Home
- Inhoudsopgave
- Voorwoord
- Inleiding
- Onderzoeksmethode



Introductie
- De Geschiedenis
- Het Principe
- Soorten
- De Track
De Techniek
- Technieken
- Veiligheid
Natuurkunde
- Inleiding
- Snelheid
- Looping
- Remmen
- Acceleraties
G-krachten
- Inleiding
- Richting Hoofd
- Richting Voeten
- Voorwaarts
- Achterwaarts
- Zijwaarts
- Tolerantie
- Factoren
- Toepassing
Achtbaan Fysiologie
- Inleiding
- Het Zenuwstelsel
- De Hypothalamus
- De Hypofyse
- De Schildklier
- De Bijnieren
- Adrenaline
- De Zenuwen
- Evenwichtsorgaan
- Toepassing
- Overige Reacties


- Conclusie
- Discussie
- Reflectie
- Logboek Frank
- Logboek Jonas


- Boeken
- Websites
- Foto's



- Bezoek TNO

Onderdeel: Introductie
Hoe werkt een achtbaan?

Een achtbaan maakt dankbaar gebruik van de zwaartekracht. Als een achtbaantrein op schuin spoor staat, zal deze beginnen te rollen / rijden. Om de achtbaantrein een heel parcours te doen kunnen afleggen, zal deze een bepaalde hoeveelheid energie moeten krijgen, zodat de trein deze om kan zetten in kinetische (en zwaarte-) energie.

Afb. 007 - De Python in de Efteling (clickable)
Een achtbaan zoals de Python, heeft een schuinstaand station. Als de trein moet vertrekken gaan de remmen los, zodat de trein rustig snelheid maakt op het schuine spoor (zwaarte-energie wordt omgezet in kinetische energie). Dan komt de trein (na een bocht) op een kettingheuvel, de zogenaamde lifthill en wordt omhoog getakeld. Hierdoor neemt de zwaarte-energie toe. Als de trein bovenaan de lifthill wordt ontkoppeld, krijgt de trein snelheid omdat het spoor naar beneden gaat (Meer kinetische energie). Zo kan de trein een heel parcours afleggen zonder enig andere aandrijfmethodes. De hoogtes van de heuvels / loopings of andere elementen, zullen telkens lager moeten zijn, omdat de trein op de baan steeds energie verliest vanwege de wrijving.

Op het laatste rechte stuk voor het station (dat net zoals het station ook schuin staat) zijn er remmen bevestigd, die de overgebleven energie van de trein wegnemen door veel wrijving uit te oefenen op de trein. Zo komt de trein tot stilstand (of in ieder geval heeft de trein dan een lagere snelheid). Als de remmen hier ook weer los gaan, krijgt de trein weer rustig steeds meer snelheid, zodat deze door kan rijden (op lage snelheid) naar het station. Nu kunnen er weer nieuwe mensen instappen, voor een volgend ritje.
Een profielwerkstuk van Jonas Kuiper en Frank Snijders