![]() - Home - Inhoudsopgave - Voorwoord - Inleiding - Onderzoeksmethode ![]() Introductie - De Geschiedenis - Het Principe - Soorten - De Track De Techniek - Technieken - Veiligheid Natuurkunde - Inleiding - Snelheid - Looping - Remmen - Acceleraties G-krachten - Inleiding - Richting Hoofd - Richting Voeten - Voorwaarts - Achterwaarts - Zijwaarts - Tolerantie - Factoren - Toepassing Achtbaan Fysiologie - Inleiding - Het Zenuwstelsel - De Hypothalamus - De Hypofyse - De Schildklier - De Bijnieren - Adrenaline - De Zenuwen - Evenwichtsorgaan - Toepassing - Overige Reacties ![]() - Conclusie - Discussie - Reflectie - Logboek Frank - Logboek Jonas ![]() - Boeken - Websites - Foto's ![]() - Bezoek TNO |
Onderdeel: Achtbaan Fysiologie
Adrenaline
Adrenaline (Lat: ad-rena = bij-nier) of angelsaksisch vaak epinephrine (Gr: epi-nephros = bij-nier)) is een hormoon dat in de bijniermerg wordt geproduceerd en dat daar onder bepaalde omstandigheden wordt afgegeven aan het bloed en op verschillende organen in werkt. Behalve hormoon is adrenaline ook een neurotransmitter; via de zenuwen brengt het impulsen over naar de doelorganen. Naast adrenaline heeft noradrenaline, dat ook in de bijniermerg wordt geproduceerd, ongeveer de zelfde functie. Adrenaline heeft maar een korte werkingsduur. De aminozuren in ons lichaam kunnen in verbindingen worden ingebouwd. Bij tyrosine is dit het geval. Tyrosine zit normaal voldoende in ons voedsel, maar kan bij tekort ook uit fenylalanine (ook een aminozuur) worden gevormd. Het tyrosine wordt in de schildklier ingebouwd in het eerder genoemde schildklierhormoon. Na een aantal omzettingen in zenuwcellen wordt deze omgezet in dopamine, dat zijn uiteindelijke vorm krijgt: noradrenaline. Dopamine en noradrenaline zijn allebei ook neurotransmitters en hebben invloed op het centrale zenuwstelsel. Noradrenaline wordt uiteindelijk in de bijnier omgevormd in adrenaline. ![]() Afb. 036 - Structuurformule en ruimtelijke bouw van Adrenaline Het hormoon wordt in grote hoeveelheden aangemaakt met name bij angst en stress, Dit kan psychische stress zijn (woede, verdriet) en ook lichamelijke stress zoals inspanning of een griepje, maar denk ook aan kou, hitte en pijn. De bijniermerg hormonen zorgen ervoor dat het lichaam goed kan reageren op deze situaties door het lichaam in optimale ‘alertheid’ te stellen. Daarom noemt men het ook wel het ‘fight-flight-or-fright’-hormoon. Het vrijkomen van adrenaline maakt deel uit van de vecht- of vluchtreactie. Dit als een soort instinctieve reactie: In geval van gevaar heb je namelijk twee keuzes, of ‘terugvechten’ in de aller breedste betekenis van het woord, of ‘vluchten’ ook weer in de aller breedste betekenis van het woord. Door deze twee keuzes heb je namelijk de grootste kans om het voorval te overleven of te overwinnen. Op psychische of fysiek dreiging reageert het lichaam wel het zelfde. De werking van Adrenaline op de doelorganen en systemen heeft te maken met de plaats van de receptoren. Deze worden onderverdeelt in de zogenaamde a-receptoren en de b-receptoren. Als Adrenaline (of noradrenaline) zich aan de a-receptoren van een cel hecht, dan verandert hierdoor de permeabiliteit (de ‘doorlatenheid’) van de cel voor bepaalde ionen. Bij de maag en de darm is dit bijvoorbeeld het geval voor kaliumionen bij de gladde spieren. De maag en darmspieren verslappen hierdoor. Denk aan de zouthuishouding die door de kalium- en natriumionen in stand wordt gehouden. Bij andere spieren wordt bijvoorbeeld de doorlatenheid van kalium- en natriuminonen zo verandert dat de zpieren samentrekken (contractie). Voorbeelden hiervan zijn de bloedvaten (adervernauwing) of de baarmoeder. De b-receptoren zijn eigenlijk totaal anders dan de a-receptoren. Als adrenaline zich hect aan deze receptoren volgen er een aantal reacties binnenin de cel. Cyclisch AMP (of cAMP) AMP staat voor adenosine-mono-phosphaat dat kan worden omgevormd naar ADP dat zich weer omvormt naar ATP. ATP is een zeer energierijke verbinding. Bij afkoppeling van ATP komt er dus veel energie vrij. Zorgt dat er een aantal enzymatische processen op gang komen waar uiteindelijk glycogeen dat in lever en spieren ligt opgeslagen, omzet in glucose in de lever en bij de spieren omzet tot melkzuur. Dit als brandstof voor het lichaam. Deze reactie is in deze situatie maar van 1 kant mogelijk, zo verhindert adrenaline de vorming van glucose naar glycogeen. Door het cAMP verslappen de gladde spieren en wordt de activiteit van de hartspier verhoogd. Verder inwendige gevolgen van adrenaline zijn: - vernauwing bloedvaten in de ingewanden - Verwijding van de bloedvaten in de spieren en de hartwand - Stijging bloeddruk - Verwijding luchtpijp en de bronchiën - Vermindering afscheiding spijsverteringssappen (orthosympathische deel van het zenuwstelsel wordt geremd). Meest voorkomende uitwendige gevolgen van adrenaline zijn: - Pupilverwijding (meer licht inlaten) - bleke huid (adervernauwing in de huid) - versnelde ademhaling - versnelde pols Ter verduidelijking:
|
|||||||||||